Het Isle of Wight is een eilandje voor de Britse zuidkust, je kunt er met een hovercraft heen, en er loopt een treintje tot op de pier dat met voormalig Londens metromaterieel rijdt. Je kunt er trouwens wandelen en ze hebben een mooie kustlijn met witte kliffen. Het mag dus een wonder heten dat we nog niet eerder op Wight waren geweest.
Omdat iedereen en zijn moeder afgelopen maanden langskwam om ons nieuwe huis te bekijken, en in veel gevallen al had meegeholpen met verhuizen, schilderen of meubels in elkaar schroeven, vierden we onze verjaardag niet. Of tenminste niet met de klassieke verjaardag waarbij je een bult mensen uitnodigt en die daarna, wat je ook probeert, toch uitdraait op een Hollandse kringverjaardag. In plaats daarvan waren er goedkope boottickets voor de ferry naar Harwich en dat werd een tripje naar het Isle of Wight. Eindelijk, zou je kunnen zeggen. Drie nachtjes in een knusse B&B in Newport, een soort tweepersoonsfeestje.
Wight is Texel, maar dan twee en een half keer zo groot en met tien keer zoveel inwoners. Voor wie Engeland + oktober = regen denkt; hold your horses. We hebben het over Zuid-Engeland, dus de noorderbreedte van Noord-Frankrijk en dan ligt het eiland ook nog eens in een beschutte baai in Het Kanaal. Het zal er vast flink kunnen spoken, maar onze trip werd verfraaid met terrasjes en blote armen. Gelukkig had Maurits er aan gedacht om zonnebrandcrème mee te nemen.
Voor de heenreis hadden we tickets voor de hovercraft geboekt. De facto hebben we dus weer gevlogen, een klimaatonvriendelijke herrieveroorzakende onhebbelijkheid die we min of meer hadden afgezworen, maar een hovercraft kun je nu eenmaal niet weigeren. Het is een van de twee nog in bedrijf zijnde hovercraftverbindingen ter wereld, voor de andere moet je naar Japan en dat is teveel moeite. De wachtruimte oogt wat shabby, ook al omdat deze zich bevindt tussen wat Zuid-Brits kustamusement gehuld in helse kleuren en permanente frituurlucht. Maar het is leuk. Een machine die soepel over zee komt aansuizen, het strand opschuift en daar even laten in een soepele achterwaartse draai weer afschuift is topamusement, ook al sta je een kwartiertje later aan de overkant.
De veertien kilometer spoor van Ryde naaar Shanklin strepen we direct na aankomst al af, de ferry komt aan in Ryde en de wandeling over de pier is leuk om de benen te strekken. De pier is uiteraard voorzien van horeca.
Naast de hovercraft heeft Wight nog een handvol veerverbindingen, variërend in snelheid en bestemming. Voor wie nog niet doorhad dat het eiland behoorlijk wat toeristen trekt; ja, dat doet het dus. Dat is allemaal best te ontlopen. Begin oktober is al dalseizoen en dat zorgt al voor legere stranden en rust bij de ijscotenten. Ja, er worden nog bussenvol Britse bejaarden over het eiland rondgereden, maar in te behappen hoeveelheden.
Stiekem is toeristisch ook wel leuk, een beetje althans. Omdat echte wandelingen er door een blessure mijnerzijds niet inzitten, maken we optimaal gebruik van het openbaar vervoer, dat wonderlijk goed is. De bus die het hele eiland rondrijdt, rijdt alleen in de zomer, maar we hebben de keuze uit een tiental andere lijnen om het eiland te doorkruisen. De buslijn die ons van The Needles naar Yarmouth is een dubbeldekker met open dak van het soort dat elders voor hop-on-hop-off wordt gebruikt. Daar zijn we tegen, maar als het gewoon ov is mag het.
The Needles zijn sowieso al een toeristenhotspot. Het is een fraai staaltje witte klifkust met een attractiepark naast het mooiste uitzicht geplakt. De kliffen zitten vol vriendelijke wandelpaden met uitzichten en bankjes, eindigen bij het attractiepark garandeert een lunch in een verlopen buffetrestaurant. Vanuit het attractiepark loopt een kabelbaan naar het strand, en dat kunnen we ook niet laten. Die biedt perfect uitzicht op de midgetgolfbaan met dinosaurusthema, waarvan Wight er minstens drie telt. Maar het strand is mooi en rustig met uitzicht over een tropisch blauwe zee.
Wight is fijn. We toeren per bus het eiland over, maken korte wandelingetjes op de plekken die ons het leukste lijken, eten in pubs en lunchen op terrasjes. In de tuinen staan palmbomen, herfstasters bloeien in de berm en de bus moet in de remmen voor een eekhoorntje. Fietsen zou hier ook moeten kunnen, maar de smalle onoverzichtelijke weggetjes zien er niet zo aantrekkelijk uit. Dus maken we nog een wandeling over het strand bij Sandown en genieten. Voor wie voor bijna niks in een hotel direct het strand wil zitten; google de Premier Inn in Sandown in november. We garanderen niet dat het leuk wordt.
Als we vertrekken, dit keer met een gewone ferry, verdwijnt het eiland in de mist. Misschien is de herfst hier vandaag begonnen.
Geef een reactie