‘Pampa’ noemde Maurits deze etappe vooraf. Het werd veel Duits woud, weinig mensen en veel onverhard rijden, inclusief stukken zandbak waar je een kudde kleuters in kwijt zou kunnen. Gelukkig eindigt de dag op een lelijke maar comfortabele hoekbank in Brandenburg.
Ons pension in Tangermünde heeft geen ontbijtbuffet, maar zet je tafel vol met alles wat je vooraf hebt doorgegeven. Met onze buiken vol broodjes, ei, kaas, fruit, jus en cornflakes stappen we op de fiets. Dag Tangermünde, hopelijk tot ziens. We hebben het al uitgezocht; de kerstmarkt valt hier in ons Sinterklaasweekend. Maar er komt vast een andere smoes om deze prachtstad vaker te bezoeken, bijvoorbeeld omdat er veel meer fietsroutes langs lopen.
We sluiten Tangermünde af met een spuuglelijk industrieterrein en een brug over de Elbe. Het waait stevig uit het oosten, dat betekent dat we vandaag vaak tegen de wind in zullen beuken, en hier in het open rivierlandschap voelen we hem een beetje extra. In de verte zien we de kerktorens van Jerichow, dat niks Christelijks beduid, maar een Slavische naam is. Steeds meer plaatsnamen dragen de Slavische uitgangen -ow of -itz. In Jerichow werpen we een blik op het prachtige oude klooster en ploffen neer bij de lokale bakker voor thee, koffie, en vooruit; iets lekkers.
Dan hobbelen we verder, soms over fietspaden van prima asfalt, soms over kleine boerenweggetjes, maar vandaag ook regelmatig over zand- en gravelpaden door het bos. Onderweg treffen we twee Nederlanders die we al een paar keer tegenkwamen; ze rijden ook op Santossen met Pendix, en dat valt op. Het voordeel van de relatief zware fietsen met brede banden is dat ze zelfs op mul zand nog enige grip hebben, al vergt het behoorlijk wat stuurmanskunst.
Als het dorpje Galm opduikt tussen de bomen opduikt weten we dat we in de deelstaat Brandenburg zijn, al heeft niemand de moeite genomen om de grens op het bospad te markeren. ‘Galm, galm, galm….’ roept Maurits. Ik besluit dat het niet de beste grap van de dag is.
In Milow (niet per se vernoemd naar de zanger) gaan we op zoek naar de bakker, want dit is het eerste dorp sinds Jerichow met zoiets moois. Het kost wat laveren tussen de wegwerkzaamheden, maar dan zitten we aan de broodjes kaas en onze geliefde Apfelschörle. Milow bestaat grotendeels uit vrolijk opgeschilderde huisjes in DDR-fabrieksbeton, maar de versierde kozijnen en deuren van de oudere huizen tonen dat we weer wat verder naar het oosten zijn opgeschoven.
Na Milow volgt voornamelijk leegte. Er zijn zelfs velden waarvan ik me afvraag of iemand de moeite heeft genomen om hier deze zomer iets op te verbouwen. Als er al een dorp is staan de huizen zo ver uit elkaar dat je er geen twee tegelijk op de foto krijgt. Het pontje dat ons over de Havel van Kützkow naar Pritzerbe brengt is een welkome afwisseling.
Wind – bos – weilanden -afgeplatte heuvels, en ik begin moe te worden. Wie denkt dat je van fietsen geen vermoeide armen kunt krijgen moet deze etappe maar eens proberen. Brielow is het laatste dorp voor Brandenburg, en er is zowaar een keet met een Imbiss er in. De uitbater duwt ons enthousiast de menukaart in de handen, maar wij hebben vooral trek in koude cola, die we in zijn tuin opdrinken. Gesterkt door de suiker en cafeïne tikken we de laatste kilometers weg, die vooral uit volkstuinen bestaan.
Brandenburg ontvangt ons met Plattenbau en de toren van de Dom. Dat centrum bekijken we morgen wel, want we hebben een rustdagje Brandenburg cadeau gedaan. Niet dat we rustig aan doen op dergelijke dagen, maar een dagje lopen in plaats van fietsen is wel fijn. De deur va ons pension is dicht, maar na wat telefoonverkeer krijgen we de sleutelcode. Onze kamer is enorm en voorzien van een hoekbank in lichtgroen velours (ieks) die bij nader inzien de perfecte hangbank voor vermoeide fietsers is. De douche trekt bruine strepen stof over mijn benen.
Vanavond eten we een hapje in de binnenstad, ik voorspel iets stevig Duits, ruimte over voor een toetje en een lekker lokaal biertje. Of het laat gaat worden? Neuh….
Geef een reactie