De 30 van Zandvoort? Te druk, te duur en een route die je zonder organisatie ook wel kan lopen. En toch liep ik ‘m weer op 29 maart. De medaille is mooi, het weer was prima en dat mijn rug dit kon is het allergrootste feest.
Eerst over die 30 zelf. Rondje over het strand naar het noorden en door de duinen, Bloemendaal en Santpoort terug. Prima te bereiken met de trein, horeca onderweg en genoeg leuke paden. Inderdaad een route die je zelf ook wel kan bedenken, maar achter de pijltjes en vlaggetjes van de organisatie aanlopen is ook wel relaxed, al was het maar omdat ik in mijn eentje een gooi kan doen naar het wereldkampioenschap verdwalen. Dan zijn er nog wat stempelposten met terrasjes, muziek en gratis snacks.
Daar betaal je voor. De 30 van Zandvoort is van Le Champion, dat retecommerciële sportevenementen organiseert. Inschrijfgeld: hoog. Bij het inschrijven te bestellen: shirtje (nee), graveren medaille (nee), donatie goed doel (voelt als soort greenwashing, maar vooruit).
Maar je krijgt ook wat : verkeersregelaars, informatie vooraf en routemarkering zijn allemaal puik in orde, de rustposten zijn behoorlijk en ehbo is royaal aanwezig. Kom daar maar eens om bij wandeltochten die je voor een paar euro bij lokale wandelclubjes kunt lopen.
Bijna elke tocht die Le Champion organiseert heeft meerdere afstanden, en ik kies doorgaans de langste. Omdat er een gezamenlijke finish is, betekent dit dat je ergens in de wandeling de deelnemers van de andere afstanden tegenkomt. Vuistregel; hoe korter de afstand, hoe langzamer de deelnemers lopen. Op 6,5 kilometer per uur doorstampen lukt niet, maar dat kan bij de Nijmeegse 4Daagse ook niet. Wees blij dat de organisatie op elk niveau een uitdaging biedt, of zoek een rustiger tocht.
In Zandvoort mag wie besluit heel vroeg te beginnen vijf kilometer over het circuit lopen. Dat deed ik al eens, wat een hoop geklooi met bussen opleverde om op tijd te zijn. Kombochten zijn bovendien bedacht om met een paar honderd kilometer per uur doorheen te jakkeren. Wie zes kilometer per uur haalt krijgt problemen met de zwaartekracht, of moet in de berm gaan lopen. Geinig, maar niet voor herhaling vatbaar.
Dus rolde ik iets na acht uur uit de vroegste trein die mij redelijkerwijs in Zandvoort kon brengen, liet mijn startkaart afstempelen en liep het strand op. Achter de meute aan en een kleine zes uur later had ik een medaille en rekende ik vier euro af voor een bekertje cola op wat Le Champion aankondigde als een bruisend eindfeest: een dj met een zeer matige muzieksmaak en wat moegelopen wandelaars die zorgvuldig bij de dansvloer uit de buurt bleven. Er zijn voor de hand liggender plekken om gelukkig te zijn.
Ik was gelukkig. Mijn rug had het ruim dertig kilometer, inclusief ruim 200 meter klimmen volgehouden. Na een winter waarin ik door rug- en heupklachten zelden meer dan vijftien kilometer op een dag kon lopen was dit de terugkeer. Natuurlijk, ik ben er nog niet; de koude wind op het strand zorgde voor wat opkomende stijfheid, meerdere wandelaars keken verbaasd toe hoe ik op een bankje rekoefeningen deed en er moet nog wat geschaafd worden aan mijn duurconditie. Maar ik loop weer. Ik loop weer.