Groeten uit Colbitz, waar huizenprijzen van minder dan een ton normaal zijn en alleen het asfalt, de aardig gevulde supermarkt en de graffiti op het bushokje bewijzen dat de DDR verleden tijd is. Mauer im Kopf? Welkom in Sachsen-Anhalt!
De dag begint met een lekker ontbijtje van onze Vrienden-op-de-fiets-gastvrouw. Opmerking bij Vrienden op de fiets; je logeert tegen vergoeding bij iemand, dus deel je ook in wat gewoontes. Ze drinkt geen koffie, dus Maurits zal nog even moeten wachten met het zwarte vocht. Gelukkig maakt ze wel fantastisch roerei.
Het is nog fris als we op de fiets stappen. Met kippenvel op mijn armen rijden we Helmstedt uit. Eerst passeren we Bad Helmstedt, een voormalig kuuroord. Er staan nog wat aardige Jugendstilvilla’s, deels waarschijnlijk in zeer acceptabele prijsklasse voor wie erg van klussen houdt.
Bij Beendorf rijden we Sachsen-Anhalt binnen. Het dorp begroet ons met ‘40 Jahre am Arsch der Welt, jetzt mitten in Deutschland’. Inderdaad, we rijden de voormalige DDR in. Nou zijn Maurits en ik net oud genoeg voor een Mauer im Kopf, waardoor we ongewild alles wat Duits is in oost en west indelen, inclusief een fascinatie voor alles wat achter dat IJzeren gordijn zat. Ik probeer met de beste wil van de wereld een paar kilometer dar muurhoofd uit te schakelen, maar al in Ostingersleben geef ik op. We daveren over DDR-keitjes, even onverwoestbaar als onpraktisch, en zeker twintig procent van de panden staat leeg. ‘Zu verkaufen oder zo vermieten!’ schreeuwt een handgeschreven bord me toe. Gisteren reden we door een regio met economische uitdagingen, deze regio ís een economische uitdaging.
Mooi is het wel. We stijgen en dalen over de glooiende lössheuvels, met regelmatig een dorpje, een molen of resten van een kasteel of toren. Op de akkers knikken de zonnebloemen onder het gewicht van hun pitten, in het bos ruikt het naar hars. De huizen die wel bewoond zijn, zijn vaak in vrolijke kleuren geschilderd.
In Erxleben moet nog een supermarkt zitten, en na een blik op het kasteel (beyond repair) gaan we op jacht naar koffie. De Edeka is te klein voor een echte koffiecorner, maar heeft een koffiemachine en in de broodjescorner liggen Berliner bollen. Het bord bij de slager kondigt soljanka aan, om het muurhoofd nog wat extra te voeren.
We hebben de wind in de rug en zoeven over de heuvels. De wolken zijn net zo grijs als tijdens het eerste deel van onze fietstocht, maar er valt geen drup. We zitten in de regenschaduw van de Harz, dit is het droogste deel van Duitsland. We zoeven Haldensleben binnen, de enige grotere plaats onderweg, waar we met onszelf hebben afgesproken om te lunchen. Na een buitenwijkje met wat matig gerenoveerde Plattenbau volgt inderdaad een fraaie Altstad, waar we een bakkerij opzoeken.
Nu moeten we niet te hard rijden, want we kunnen pas in de middag in ons Pension in Colbitz terecht. Daarom staan we onszelf een paar extra fotostops toe, en een zonnebrandstop, want de zon breekt door. Vlak voor Colbitz zien we de bergen afval van de kalimijnen liggen. Daar rijden we morgen. Colbitz is een slaperig dorp waar geen centrum in te ontdekken valt. De horeca is dicht of failliet, op de snackbar en de ijscotent na. De architectuur van ons pension verraadt een bouwjaar voor de Wende, maar de kamers zijn modern, ruim en brandschoon. De snackbar kunnen we overslaan, er is een supermarktje en het pension heeft een keuken. En een garage, waar onze fietsen mogen overnachten en waar Maurits aan zijn verdacht zachte achterband staat te klussen terwijl ik dit schrijf.
Morgen staat er een tochtje naar Tangermünde op het programma, door een gebied dat nog dunner bevolkt lijkt dan het stuk van vandaag. Vanavond… Nee, geen soljanka op het menu. Gewoon kaastortellini met een vegetarisch pastasausje en een lekker toetje. Gelukkig is het niet meer echt 1985.
Geef een reactie